|
“Hoe
meer het heelal begrijpelijk lijkt, hoe meer het ook
zinloos lijkt” - Steven
Weinberg, fysicus
Het Nihilisme gedefinieerd
Een veel voorkomende (maar misleidende)
omschrijving van het nihilisme is “Het geloof in niets”. Echter
, een meer bruikbare zou zijn: ”Het geloof in niets, wat niet te
bewijzen valt”. In het Engels kan een duidelijk onderscheid
gemaakt worden tussen “belief”, wat zo veel betekent als
‘geloof’ en ‘overtuiging in een bepaald concept’, en “faith”,
dat meer als ”rotsvast geloof” of “vertrouwen in het geloof” kan
worden vertaald. Zo word in het nihilisme “faith” gezien als:
“het rotsvast geloof in iets waar geen bewijs voor is”.
Een
universele definitie voor het nihilisme zou dan kunnen zijn: Het
verwerpen van alles wat vertrouwen in geloof (faith) vereist
voor verlossing of realisatie, en dit kan alles omvatten, van
theologie tot seculaire ideologie. Binnen het nihilisme worden
geloof en soortgelijke waarden verworpen omdat zij geen
absolute, objectieve substantie hebben. Ze zijn gebrekkig en
dienen slechts als exploiteerbare leugens die nooit tot een
strategisch voordeel zullen leiden. Vertrouwen in geloof is
altijd een gevaar voor de groep en het individu, want het brengt
het gebruik van de reden, kritische analyse en gezond verstand
tot stilstand. Nietzsche schreef dat vertrouwen in geloof het
“niet willen weten” betekent.
Vertrouwen
in geloof is: “Laat die irritante feiten niet in de weg staan
van ons politieke plan of ons gezegende pad naar de hemel”;
Vertrouwen in geloof is “Doe wat ik je zeg, omdat ik het zeg”.
Alles dat niet kan worden weerlegt heeft vertrouwen in geloof
nodig, utopie heeft geloof nodig, het idealisme heeft geloof
nodig, spirituele redding heeft geloof nodig. F**k geloof.
Het tweede
element dat het nihilisme verwerpt is het geloof in een
“einddoel”, dat het heelal op niet-willekeurige gebeurtenissen
is gebouwd en dat alles tot een conclusieve openbaring zal
leiden. Dit heet “teleologie” en het is de fatale zwakheid die
het hele scala aan foute oplossingen, van het Marxisme tot het
Boeddhisme, teistert. Teleologie vereist gehoorzaamheid aan het
vervullen van het “lot” of de “vooruitgang” of andere
soortgelijke grandioze doelen. Teleologie wordt door zowel
despoten als utopische dromers gebruikt als een dwingende
motivatie leidend tot de volgende ongeloofwaardige Apocalyps; De
beste manier om de mensheid aan het lijntje te houden: vertel ze
dat het allemaal een deel is van het ‘grote plan’ en dat ze maar
beter kunnen meedoen, of anders…!
Ook al lijkt
het soms erg aannemelijk, er is in het heden of verleden nooit
enig bewijs geweest dat het heelal teleologisch werkt – er is
geen uiteindelijk doel. Dit is de simpele schoonheid van het
nihilisme, die geen enkele andere geloofsovertuiging heeft.
Doordat je je los maakt van de kettingen van de teleologie
verwerf je een sterkere denkwijze en mentaliteit en dus ook een
veel beter onderbouwd resultaat, omdat het voor de eerste keer
mogelijk is antwoorden te zoeken zonder te moeten beginnen bij
reeds bestaande percepties. We zijn dan eindelijk vrij om te
ontdekken wat er eigenlijk echt aan de hand is, en niet alleen
de halve bewijzen te vinden. Deze steunen namelijk slechts de
reeds bestaande voorwendsels en valse begrippen, die het leven
tot een hel op aarde maken. Dus: f**k teleologie.
Het nihilisme
is voornamelijk skepticisme gecombineerd met reductie,
maar in de praktische realiteit neemt het meer dan één vorm aan.
Dit leidt vaak tot een verwarring van definities. In het
algemeen kent nihilisme twee belangrijke classificaties. De
eerste is de passieve vorm en wordt meestal existentieel of
“sociaal” nihilisme genoemd. De tweede is de actieve variant en
word “politiek” nihilisme genoemd.
Het
existentieel nihilisme is een passieve wereldbeschouwing die
zich concentreert op onderwerpen zoals lijden en futiliteit en
heeft zelfs gelijkenis en verbindigen met diverse Oosterse
geloven, zoals het Boeddhisme. Meer direct manifesteert het
existentieel nihilisme zich vooral in het gevoel van isolatie,
futiliteit, angst en de hopeloosheid van het bestaan. Een gevoel
dat meer en meer opkomt in deze moderne digitale wereld, die ook
wel de “neerwaartse spiraal” wordt genoemd. Heel cru gezegd: “de
onthechting van alles”.
Woorden die
het politiek nihilisme beschrijven zijn: actief, revolutionair,
destructief en zelfs creatief. Een definitie voor het politieke
nihilisme is het besef dat “de toestand van de sociale
organisatie van de huidige maatschappij zo slecht is dat
vernietiging ervan wenselijk is voor zijn eigen bestwil,
onafhankelijk van het bestaan van enig constructief programma of
mogelijkheid dan ook” Het politiek nihilisme adresseert
concepten als ‘autoriteit’ en ‘sociale structuur’, en niet
alleen de introspectieve, persoonlijke emoties van het
existentieel nihilisme.
Met name het
politiek nihilisme is een wereldbeschouwing die rationeel is,
maar ook logisch, empirisch, wetenschappelijk en verstoken van
doelloze, subjectieve emoties. Het is de logische psyche en het
nadenken die alles destilleren tot wat je weet, wat je kan weten
en wat je niet kan weten.. Het is de realisatie dat alle waarden
uiteindelijk relatief zijn, en soms is de eenvoud van het
nihilisme daarin ook zijn complexiteit.
|
Nihilisme |
de
toestand van de sociale organisatie van de huidige
maatschappij zo slecht is dat vernietiging ervan wenselijk
is voor zijn eigen bestwil, onafhankelijk van het bestaan
van enig constructief programma of mogelijkheid dan ook |
Een
achtenswaardige en beknopte definitie van een (politiek)
nihilist staat in het boek “Vaders en Zonen” van Ivan
Turgenjev: “Een nihilist, dat is iemand, die niet buigt voor
autoriteiten, iemand, die geen principe zomaar op goed geloof
aanneemt, hoe oud en eerbiedwaardig het ook moge zijn…”. Een
echte, volwassen nihilist is een serieus persoon die scherp en
overtuigend van geest is. Maar het mes snijdt wel aan twee
kanten. Het kan even makkelijk tot schade leiden als tot
openbaring.
De twee
klassen van het nihilisme overlappen elkaar dus. Echter, op de
Nihilism’s Home Page gaat het meer over het “politiek” nihilisme
vanwege de beknoptheid. Omdat de existentiële visie, als deze al
niet “doodgeboren” is, uiteindelijk toch tot het politieke
nhilisme leidt. Omdat het nihilisme niet iets is waar je alleen
over praat; maar een manier van leven is. En omdat het politieke
nihilisme een echte geschiedenis en ervaring heeft, zoals we
later zullen lezen in Historisch Nihilisme over de
Russische revolutionairen. Uiteindelijk hangt de nihilistische
richting die iemand kiest af van wat het individu van het leven
wilt maken.
De
weg van het “politiek” nihilisme waar je nu over leest is om de
paradoxen en de interne tegenstrijdigheden inherent aan het
“sociale” nihilisme te ontkennen en te omzeilen. Ik wil zowel
het filosofische woordenboek als de verwarrende terminologie van
academici niet meer gebruiken dan nodig is; het nihilisme is de
vernietiging van de filosofie, de ontkenning van het idealisme,
de ontkenning van de mythologie, en de vernietiging van de
verbijstering tezamen met de despoten, die er hun gewin mee
halen, door als monopolistische tolken van de verwarring op te
treden.
Historisch Nihilisme
De eerste
nihilisten zouden waarschijnlijk de Griekse Sofisten zijn
geweest, die ongeveer 2500 jaar geleden leefden. Zij gebruikten
hun oratorische kunde en argumentatieve dissertaties om de
waarden, waar de dagelijkse geloven op rustten, aan de kaakatiesatieve
e doeni die te stellen. De Griekse Sofisten, zoals
Gorgias, representeerden het begin van de filosofie en het
eerste conflict tussen het traditionele mythologische
geloofs-systeem en een rationele, skeptische visie op de
natuurlijke wereld. Het was even basaal als het verschil tussen
een wereldbeschouwing die berust op emotie en één die berust op
ratio. Omdat de Sofisten het gevestigde geloof aan de kaak
stelden werden ze vaak door het gezag en critici beschuldigt van
morele corruptie, of erger.
Eén van de
eerste nihilistische schrijvers van de moderne tijd was de Deen
Soren Aabye Kierkegaard, die leefde van 1813 tot 1855.
Kierkegaard was een waarlijk unieke maar ook raadselachtige
filosoof. Zijn belangrijkste bijdrage was de filosofie van het
existentialisme, die op veel manieren een ontkenning was van de
toen heersende Hegeliaanse filosofie. De basis van het
existentialisme was sterk geworteld in Kierkegaard’s Lutherse
Protestantisme en het weerspiegelde het ideaal van de
subjectiviteit van de waarheid en van de aard van het leven als
een unieke en persoonlijke beleving. Om heel erg beknopt te
zijn, stelt het existentialisme dat het bestaan gebaseerd is op
ervaring en dat deze ervaring een unieke individuele beleving is
(mijn realiteit is niet hetzelfde als die van jou). De moderne
quantum-fysische “filosofie” keerde aan het einde van de 20e
eeuw terug naar dit thema middels het gebruik van empirische
mathematica.
De Russische nihilisten
Het politieke nihilisme gaat in ieder geval
terug tot het Rusland van de laatste helft van de 19e
eeuw, waar het als een revolutionaire beweging ontstond met het
doel het dictatoriale gezag van het Tzaar omver te werpen.
In Rusland werd het
nihilisme bekend als een losjes georganiseerde revolutionaire
beweging (C.1860-1917) die de autoriteit van staat, kerk en
familie verwierpen. […] De beweging bepleitte een sociale
ordening gebaseerd op rationalisme en materialisme als de
grootste bron van wijsheid, en individuele vrijheid als het
belangrijkste doel. Door het spirituele wezen van de mens te
verwerpen ten gunste van een materialistische, beschuldigden de
nihilisten God en het religieuze gezag als antithetisch voor de
vrijheid. vertaald uit: The Internet
Encyclopedia of Philosophy
Naar moderne
maatstaven waren de pogingen tot revolutie van de Nihilisten
inconsistent en meestal ineffectief - ze wierpen goedkope
ammunitie naar de Tsaar en zijn familie, en werden dan vaak ook
nog zelf opgeblazen. Maar wat hun ontbrak aan materiaal en
tactiek, compenseerden ze met visie, ideeën en een ongeëvenaarde
intensiteit.
De nihilisten genoten ervan hun ouders
te shockeren door het einde van het oude morele systeem uit te
roepen, door, bijvoorbeeld, de annihilatie van iedereen ouder
dan 25 jaar te bepleiten. In de 60er jaren van de 19e
eeuw gingen veel van deze jonge intellectuelen naar
Zwitserland, waar de fatsoenlijke Zwitserse bourgeoisie
geshockeerd was van de mannen met lang haar, de vrouwen met
kortgeknipt haar, hun luide stemmen en onbeschoft gedrag.
[1]
Het
stempel dat achtergelaten werd door de Russische nihilisten was
niet zozeer een kortstondige politieke verandering maar een
revolutie van ideeën en houdingen. Een revolutie die tot vandaag
nog weerklinkt. “De oprechte jonge mannen
en vrouwen [Nihilisten] van de late 19e eeuw wilden
door ieder vernislaagje van beleefdheid heen breken, een einde
maken aan alle conformistische namaak, om tot de harde kern te
komen.” [4]
Het
anarchisme
Zowel de
anarchisten als de nihilisten vinden hun oorsprong in de
indrukwekkende persoonlijkheid van Mikhael Bakunin in de 19de
eeuw, die het nihilistisch sentiment beknopt weergaf in zijn
beroemde verklaring: “laten we vertrouwen
in de eeuwige geest die vernietigt en verwoest alleen omdat het
de onvindbare en eeuwige creatieve bron van alles is”.
Politiek gezien worden het anarchisme en het nihilisme vaak
door elkaar gehaald en in beperkte, doch tastbare, zin is
het nihilisme de strijd tussen wet/overheid (anti-natuurlijke
orde) en vrijheid (nihilisme). Op dit punt delen het nihilisme
en het anarchisme bepaalde elementen. Een anarchist zal
bijvoorbeeld zeggen: “niemand heeft het recht een ander te
zeggen wat hij moet doen”. Maar de nihilist zou zeggen dat als
degene die het bevel geeft een pistool heeft en de andere
persoon niet, wat hebben rechten of autoriteit er dan nog mee te
maken? Trouwens, wat voor zin heeft een grondwet op het moment
van enig misdrijf? Dit is de fundamentele fout van het
anarchisme; haar succes berust op het goeie gedrag van haar
deelnemers!
Anarchisten zijn idealisten; ze geloven in subjectieve
concepten zoals vrede, rechtvaardigheid en vooral de ultieme
nobele aard van het individu (in ieder geval onder de juiste
sociale omstandigheden). De nihilistische realiteit is verstoken
van dit soort onzin. De nihilist realiseert zich dat de
geschiedenis vaak misbruikt en verkeerd begrepen wordt door het
leggen van foutieve verbindingen en artificiële lijnen tussen
twee geheel verschillende gebeurtenissen, alleen maar om bewijs
te leveren voor vooraf aangenomen interpretaties van de
realiteit; de klassieke theologische mythe.
“We trekken een denkbeeldige lijn door de
geschiedenis om de loop te bepalen, die wij als “juist” zien.
Alle onjuiste meningen worden genegeerd. Deze aanpak wordt de
“Whig” theorie van de geschiedenis genoemd door Herbert
Butterfeild. De naam is afgeleid van vroegere historici die de
geschiedenis zagen als gebeurtenissen die culmineerden in het
politieke systeem waar zij zo van hielden: de liberale
democratie”. [2] Het is een
begrijpelijk product van de menselijke evolutie om niet alleen
patronen te ontdekken maar ook om er mee weg te lopen en ze te
verzinnen. “Het lijkt erop dat het
menselijke brein geëvolueerd is om geometrische patronen te
herkennen waar er geen zijn. Wat kan het dan nog meer herkennen
dat niet bestaat?”[2]
De menselijke
aard ziet dingen die er niet zijn, denk maar eens aan optische
illusies of de Rorschach inkt-vlekken test. Veel van het leven
is niets geïnterpreteerd als iets. Dat is omdat het omgaan met
het gapende ‘niets’ het samenstellen van een ‘iets’ vereist om
het ‘niets’ te kunnen bevatten. Onderwijl wordt het gevaarlijke
overduidelijk genegeerd door een meer plooibare artificiële
mythe te construeren. Maar toch doet een nihilist net het
omgekeerde, hij verlangt om een nauwkeuriger beeld van de
realiteit te krijgen, in plaats van op een manier die niet op
bewijs, reden of hypothese gebaseerd is. Dit omvat ook de wens
om de menselijke aard te zien zoals die ook echt is, en om het
doel te kunnen begrijpen binnen de context.
Een klein
beetje perspectief
Iedereen
heeft een antwoord, niet gewoon een antwoord maar het
antwoord. Als je er over na denkt is het werkelijk
verbazingwekkend hoeveel mensen het officiële monopolie op de
waarheid bezitten. Dit simpele feit alleen al laat de
dissonantie van absolute waarden en de misleide aard van
idealisme zien. Welke kwantitatieve waarde zou jij aan je leven
geven? Een bedrijf in levensverzekeringen zou er een exact
bedrag voor kunnen berekenen. Maar zelfs dat getal zou te veel
kunnen zijn; de chemische componenten waar je lichaam uit
bestaat zijn slechts enkele euro’s waard. Maar is het leven niet
meer waard dan goud, olie en andere goederen? Think again.
Wat
is goedkoper om te maken, een menselijk leven of een pond goud?
Goud kan geproduceerd worden in een cyclotron maar de kosten
daarvan zijn enorm. Daarentegen kan een menselijk leven, of
eigenlijk elk soort leven, voor praktisch niets worden gemaakt.
De aarde zit vol met eindeloze zelf-replicators maar de
hoeveelheid platina, bijvoorbeeld, is gelimiteerd. Dit
zelfvertrouwen manifesteert zichzelf als een oneindige
capaciteit voor egoïstisch narcisme en zelf-verheerlijking. De
menselijke arrogantie neemt op gemakzuchtige wijze aan dat wij
het toppunt van de evolutie zijn. In het echt is de mens niets
meer dan een wegwerpbaar en recyclebaar vehikel voor de
reproductie van genetisch materiaal, en niet omgekeerd!
Menselijke verlangens zijn schadelijk voor het lichaam maar
voordelig voor de genen, vandaar dat zelf-destructief gedrag
bestaat. En, merkwaardig genoeg, is dit de ware oplossing voor
het oude existentiële dilemma, waarom het leven eigenlijk gewoon
de dood is, of zoals John Lennon ooit zei
“Wat doen we hier? Toch zeker niet om in pijn en angst te
leven.” Het menselijk lichaam is niet
geprogrammeerd om alleen maar lang genoeg pijnloos te leven om
zich te kunnen voortplanten; daarom zullen dokters altijd genoeg
werk hebben. De biologische “baas” is misschien te klein om te
zien, maar hij is te sterk om te negeren.
Als de waarde van een
menselijk leven gemeten zou kunnen worden buiten het scheve
perspectief van het collectieve ego, dan zou het er zo uit
kunnen zien: als er slechts één persoon op aarde zou zijn, dan
zou hij de belangrijkste persoon zijn. Als er twee personen
zouden bestaan dan zou hun individuele waarde in tweeën gedeeld
worden (1/2). Als er zes miljard mensen bestaan, wat is dan hun
individuele waarde? Een simpele formule berekent de waarde als
de fractie van de hele populatie plus de bijkomende,
(vermoedelijke) additieve waarde van educatie, ervaring,
intelligentie etc. Als we het Marxistisch waardesysteem van
universele gelijkheid vooraf aannemen, zou de formule voor de
individuele menselijke waarde als volgt luiden:
| 1/P +
(E/P) |
P= huidige
wereldpopulatie
E= jaren van educatie, training, werkervaring |
|
|
Dus in een wereld van zes biljoen mensen is je ongeleerde
“gewicht”: 1/6000000000, of 1.67 x 10^-10. Jouw waarde is
dan 0.0000000167%. Met 12 jaar educatie gaat jouw waarde
omhoog tot een factor van 2.167 x 10^-9 of 0.0000002167%. |
Is
het nu verwonderlijk dat religie zo populair is, dat de
menselijke natuur zo wanhopig zoekt naar een betekenis en een
doel, zelfs in de meest belachelijke plaatsen? Waarom
verschuilen seculaire Amerikanen zich achter geld en houden ze
alleen zichzelf voor de gek door te denken dat geld hen
belangrijk maakt? Is het niet al te duidelijk waarom de
maatschappij artificiële concepten zoals rechtvaardigheid,
moraal en ethiek bedenkt? De wreedheid en de simpele
irrationaliteit van de dierenwereld ligt maar net buiten de
roestige poorten van onze afbrokkelende maatschappij. Maar het
is toch troostend dat, zo lang we binnen zijn, we het gevoel
hebben van eerlijkheid, gelijkheid en rechtvaardigheid voor
iedereen (voor diegenen die het kunnen betalen, althans)?
Zelfbedrog is
misschien wel datgene dat de menselijke aard definieert. Leugens
houden onze orde intact, we vinden troost in mythes zoals “wat
we doen heeft betekenis” en “God straft de slechten”. De
constante lawine van empirisch bewijs voor het tegengestelde
wordt simpelweg afgewezen naar de afdeling der derderangs
irrationele filosofen.
"Hypocrisie
kan bloeien wanneer goedheid niet alleen gedefinieerd wordt
als aardig en altruïstisch gedrag, maar ook als zich houden
aan de regels en de verplichtingen naar het geloof.”
[3]
Onze
“leiders” voeren oorlog in naam van de vrede en stichten
democratieën met een ijzeren vuist. Onze traditionele waarden
worden vervormd; ze weerspiegelen fantasie en niet realiteit.
Onze waarden zijn zo ver verwijderd van de realiteit dat
fantasie de werkelijkheid wordt en waarheid een dwaling. Dit is
de belangrijkste moeilijkheid in het overbrengen van de
betekenis van nihilisme; alle moreel geladen concepten zijn
bevooroordeeld tegen een heldere omschrijving van het
nihilistische standpunt. M.a.w. het beschrijven van
gebeurtenissen vanuit een nihilistisch standpunt wordt
gecompliceerd doordat de taal zwaar beïnvloed is door en
samengesteld is uit culturele standpunten en
geloofsovertuigingen die vaak principieel gebrekkig en foutief
zijn.
Nietzsche sneed dit onderwerp aan toen hij de titel en het boek
“Jenseits von Gut und Böse. Vorspiel einer Philosphie der
Zukunft” (1886) schreef. Maar het is niet slechts een serie van
leugens, het is een vernederende en totaal aberrante structuur.
Het probleem zit zo diep dat zelfs de woorden die het
beschrijven vervangen moeten worden met een nieuwe lexicon.
Nihilisme als Filosofie
Het nihilisme is de
verwerping van filosofie en de metaphysische nebulae waarin het
filosofisch redeneren onvermijdelijk in verdwijnt. Maar als
iemand dit uit het nihilisme wil hebben, kan hij dat aanpassen.
Zelfs meer dan bij andere filosofieën. Echter, dit leidt alleen
maar tot paradoxen en tegenstrijdigheden, zoals het vinden van
waarde in niet-waarden of een letterlijk geloof in niets.
Probeer eens niet te geloven in zwaartekracht. Nihilisme is niet
het absoluut nietig verklaren van waarden om een denkbeeldig
milieu te creëren dat vrij is van goed en kwaad, boven of
beneden, omdat dat absurde situaties zijn. Het zijn zelfs
idealistische situaties die zowel onmogelijk te bereiken, als
gevaarlijk delusioneel zijn om als doelen te stellen. Helaas
raken sommige nihilisten verstrikt in dit duistere labyrinth van
ethiek en moraal. Anderen duiken ‘head-first’ in het donkere gat
om hun zogenaamde mentale kracht en bekwaamheid te demonstreren.
Dit verklaart de populariteit van het existentiele nihilisme
onder bepaalde academici en gelijksoortige geisoleerde atomen
van fantasie. Nihilisme is de destructie van filosofie en niet
de vergroting ervan!
Het existentialisme is
overbodig, want zulke constructies zijn volledig elastisch; ze
betekenen slechts wat de voorstander ervan claimt en veroorzaken
zo dezelfde mistige waas van ‘intellectuele doorzichtigheid’ die
het nihilisme probeert te verjagen. In andere woorden: het is
een creatie van mythes. Desondanks hoeven ze niet insignificant
en impotent te zijn in de opinie van het grote publiek: mythes
hebben waarde voor hen die er in geloven. De nihilisten kunnen
de gelovigen en de mythes niet simpelweg negeren. Een wijze
keuze is om begrip te zoeken. Het nihilisme lost mythes op met
het zuur van de rede en de logica om de aannames en
onderliggende structuren te belichten om zo beter te kunnen
begrijpen en handelen.
Het nihilisme betwist de
aannames achter veelvoorkomende waarden, zoals ‘gelijkheid’,
‘mededogen’, ‘rechtvaardigheid’, etc. Maar ook conclusies over
het menselijk bestaan als ‘zinloos’, ‘onnodig’, en ‘doelloos’
zijn evenwel verkeerd, omdat hun definities afstammen van de
originele morele waarden die tot dusver waren verworpen. Een
simpel voorbeeld: “rechtvaardigheid”. In het gerechtshof gaat
het er niet om of je schuldig bent, maar hoe goed je advocaat
is, hoe overtuigend het gepresenteerde argument is en hoe goed
de rechter (en eventueel de jurie) gemanipuleerd is. Zei iemand
hier ‘rechtvaardigheid’? Oh, misschien ook niet!
‘Rechtvaardigheid’ is de verwarrende rechtsgeldigheid die jouw
duurbetaalde advocaat in het gerechtshof kan uitspugen als een
olieplas voor een achtervolgende auto. De rijken gaan vrijuit
terwijl de armen worden opgesloten. Waarom? Lees dat op de
volgende pagina
Nihilisme in Actie!
Nihilisme is het gevolg van
de persoonlijke bewustwording dat alle moderne waarden en mores
totaal onjuist en onwerkbaar zijn. De ultieme achting waarmee
deze mores zijn opgehemeld leidt tot een catastrofale
terugtrekking naar andere uiterste, wanneer men in ziet dat het
decepties zijn.
Waarden en hun
veranderingen zijn gerelateerd aan de toename van de macht van
diegenen die de waarden opdringen. De mate van ongeloof van
toegestane ‘vrijheid van geest’ als een uitdrukking van een
toename van macht. “Nihilisme [is] een
ideaal van de geest, de over-rijkste, levensvorm verwoestende,
deels ironisch” – Nietzsche, “De Wil tot Macht”, #14.
Alhoewel een acceptatie van
het nihilisme gelijk een perspectief van uiterste doelloosheid
van het leven en het universele bestaan veroorzaakt, is dit niet
het eindpunt. “Het nihilisme weerspiegelt
een pathologische overgangsfase…” –idem, #13.
Het bestaan is niet simpelweg
doelloos omdat het bouwwerk van de moderne moraliteit inherent
dysfunctioneel is. Eigenlijk heeft het bestaan nu zelfs meer zin
omdat er een juist perspectief is bereikt en er eindelijk een
duidelijke reden is – de complete destructie van de
vernederende, theologisch-ontleende morele orde. Een nihilist is
dus basaal een schepper van de hoogste orde en een overlevende
van de meest intense metafysische worsteling aller tijden. De
nihilist ondergaat een persoonlijke evolutie en heeft zichzelf
bewezen als de mentale meerdere van de kudde en de massa. Hij
heeft zijn wil en “vergunning” bewezen voor een gedurig bestaan
en is met succes ontsnapt uit het circus van de waarden. Als de
kritische beoordeling van de waarden compleet is wordt een
geheel nieuw en geestelijk gezond perspectief bereikt.
280 miljoen jaar van nihilisme
Het is een
kenmerk van de menselijke geest om eenvoud om te zetten in
subjectieve complexiteit en om moeilijkheden in het leven te
vormen waar die er helemaal niet zijn. Hedentendage is de
archetypische vraag voor filosofen: “Waarom zijn we hier?”.
Vraag dit aan een mens en de serieuze antwoorden zullen
waarschijnlijk complexe redeneringen bevatten, gebaseerd op
mystieke godheden of introspectieve analyses. Maar voordat we
het uiteindelijke antwoord aan de mensheid vragen, denk ik dat
we een ‘second-opinion’
nodig hebben.
Zo’n
280 miljoen jaar geleden begonnen de eerste amfibieën met het
leven boven water. deze ‘labyrinthodonta’, genoemd naar hun
ineengevouwen tandglazuur, hadden typische driehoekige hoofden
en wijde, platte lichamen die eruit zagen als reusachtige
“road-kills”, maar dan zonder wiel-afdruk. Tetrapoda zoals deze
kropen rond op een dieet van wormen en misschien een paar
insecten, eigenlijk op alles wat ze te pakken konden krijgen en
konden verteren. Niet echt mooi om naar te kijken of om te
bewonderen, maar toch staan zij aan de basis van de evolutie
naar andere gewervelde landdieren, reptielen, vogels, en jawel,
uiteindelijk de geletterde mens.
Als we nou de
bovenstaande vraag aan een tetrapod zouden stellen, wat voor een
mysterieuze en verlichtende antwoorden zou hij dan geven?
Misschien zoiets als: “Ik begrijp de vraag niet. Ik probeer
gewoon de dood te vermijden.”.
Gek
eigenlijk. Ze hadden nooit een doel of een god, geen ziel of
hoop op een leven na de dood. Zowaar, ze hadden geen enkel doel
behalve een korte ‘struggle for life’ en toch zijn wij dankzij
dat simpele feit hier, miljoenen jaren later. En we lezen dit
omdat zij bestonden en evolueerden. Wij mensen leven in precies
hetzelfde fysieke universum, onderhevig aan dezelfde regels van
fysica en biologie, met dezelfde noodzaak voor zoute
lichaamsvloeistoffen, gebouwd uit dezelfde eiwitten en
aminozuren ... Tientallen jaren van wetenschappelijke
zoektochten en voorzichtig onderzoek om tot dezelfde
onontkoombare conclusie te komen: dat het punt is dat er
helemaal geen punt te maken valt. We zijn de lul omdat we het
absurd simpele veranderd hebben in het gevaarlijk complexe. Als
wetenschappers uit deze cirkel zouden kunnen ontsnappen, zouden
ze de voor de hand liggende conclusie zien dat de wetenschap
zelf gedoemd is, omdat de archaïsche mythologieën zelfs meer
aantrekkelijke, kosmische antwoorden voor publieke consumptie
opleverde.
Het antwoord
op de vraag waarom we hier zijn is niet anders voor een mens,
een labyrinthodont, of een kwal, omdat we in dezelfde wereld
leven, onderhevig aan dezelfde fysische beperkingen, en op
dezelfde plek eindigen na onze dood. Sommigen laten wel mooiere
fossielen achter dan anderen.
Nu zien we
ook waarom de angst voor de dood zo’n natuurlijk instinct is en
waarom religies zoveel gezamenlijke moeite doen om dat instinct
tegen te spreken.
Het menselijke brein creëert
ethiek, morele codes, regels volgens welke we behoren te
sterven, excuses en rechtvaardigingen voor zowel de grootste
goddelijke openbaringen als de meest triviale gebeurtenissen.
Sommigen gaan zelfs zo ver om willekeurige gebeurtenissen te
“kapen” en ze te interpreteren als iets dat ze zelf bedacht
hebben; het psychologische principe van “de illusie van
controle”. Jammer genoeg maken de complexiteiten van het
menselijke brein het alleen maar makkelijker om in fantasieën te
geloven en waanideeën te hebben. Zoveel moeite om betekenis te
vinden waar er absoluut geen is, en dit leidt alleen maar tot
eigenwijs advies en misleidende rechtvaardigingen. De verzonnen
betekenissen worden dan gebruikt voor het rechtvaardigen van dat
wat gerechtvaardigd moet worden, bijvoorbeeld ons voortbestaan;
behalve dat het gebaseerd is op leugens die iedereen zullen
meeslepen in hun val als de mythe straks in rook op gaat. Alles
zou veel gemakkelijker gaan als er geen mensen waren om in God,
de duivel of in andere fabeltjes te geloven; zo ging het vóór
ons en zo zal het na ons ook verlopen. De nihilist, daarentegen,
is geïnteresseerd in de zaken die van belang zijn, of mensen er
nou in geloven of niet; alle krachten en factoren die zelfs de
dingen beïnvloeden die niet kunnen denken.
Ook al heeft de evolutie
geen doel en mag ons eigen doel net zo ongrijpbaar zijn, dat
maakt significantie nog niet nietig, het maakt actie en
consequentie nog niet irrelevant. Een belangrijk verschil dat
maar al te vaak binnen het nihilisme verward wordt. Het
nihilisme sluit het belang niet uit alsook de naïeveweigering om
vanhistorische gebeurtenissen te leren, net zoals dat het gebrek
aan een traditioneel mystiek doel futiliteit nog niet
noodzakelijk maakt. Uitsterving, bijvoorbeeld, is van belang.
Zonder dat zouden wij hier nu niet zijn. De enige kosmische
rechtvaardiging, die door enig bewijs ondersteund wordt, is de
impuls voor eeuwig voortbestaan, het zelfrechtvaardigende doel
van de tautologie. En om nog meer rechtvaardigheid te eisen zou
alleen maar verwarring en dwaas gedrag aanmoedigen. En daarbij
is het waarschijnlijk dat alles dat verder gaat dan die basale
stelregel een artificiële constructie is. Dus, het nihilisme
is niet zozeer een kwestie over ‘bestaan’, maar meer een serie
van vragen over de waarde, mocht die er uberhaupt zijn, die de
kunstmatige gevormde betekenissen van het bestaan hebben.
Waar brengen ze ons naar toe, en willen we daar wel belanden? En
kunnen we echt de natuurlijke selectie te slim af zijn,
bijvoorbeeld?
Wat blijft er over?
Het nihilisme kan heel
gecompliceerd lijken omdat het in het hedendaagse morele milieu
nodig is om het uit te leggen met termen als ‘positief’ en
‘negatief’, of “tegen dit”. Het gaat om het accepteren van dat
wat er is en binnen dat raamwerk te leren werken om een
effectieve levenswijze te ontwikkelen met een natuurlijk
perspectief. Veel te vaak laat onze moderne ‘hi-tech’ planeet
ons denken dat als het er verwarrend uitziet en er een geleerde
voor nodig is om het te analyseren, dat het dan wel
gecompliceerd moet zijn. Wat ik bedoel is dat je die zooi niet
hebt nodig. Je hoeft niet in God of Beëlzebub of wat anders te
geloven dat niet op enige manier geverifieerd of getest kan
worden. Je hoeft niet te geloven dat de menselijke aard van
nature slecht is of in zonde geboren is. Het kost zoveel
verspilde moeite om te worstelen met ‘goed’ en ‘slecht’. Normale
mensen martelen zichzelf letterlijk in zelf-bedachte kerkers met
ethieke en morele dilemma’s die er uiteindelijk nooit toe doen.
Om
deze reden krijgt de nihilistische filosofie altijd klop in de
arena van ideeën omdat het gewoon een ‘niks’-ideologie is.
Daarom noem ik het liever een ‘anti’-ideologie. Het houdt zich
gewoon niet aan de regels, omdat die arbitrair zijn, ze bestaan
alleen in de sociale ‘mind-set’. En als anderen in die
zelf-kastijdende, intellect-verdovende fantasie-wereld willen
leven dan ga ik ze niet stoppen; Veel plezier … met het haten
van het leven.
Het is tevens belangrijk je
te realiseren dat het Nihilisme niet is zoals alle andere
ideologieën die een vaag doel vooropstelt en alles in het heden
dwingt zich te conformeren aan die fantasie. Nihilisme is een
tegen-orde, het is het tegenovergestelde van alle andere
ideologieën en theologieen, die een absoluut ideaal hebben van
hoe alles zou moeten zijn. Gewoon omdat het niet zo werkt. Het
leven kan niet gecontroleerd worden middels een kunstmatig
verzonnen universeel antwoord of door de perfecte orde te
creeeren die eeuwig moet blijven bestaan. Het Nihilisme werkt
met de verwachting dat de toekomst en zijn behoeften altijd
onbekend zijn, dat alles wat we kunnen doen is te zorgen dat we
het heden aankunnen en te proberen elke uitdaging aan te gaan
die tijdens ons continue bestaan op ons pad komt. Dus, Nihilisme
is niet zo begaan met de nasleep, als meer met het ‘hier en nu’,
zodoende zijn definitie.
Verandering en het
accepteren van heterodoxie gaat niet zonder introspectie. De
menselijke aard is zo gewend aan sociale omgang dat zelfs de
belachelijkste sociale ‘faux pas’ worden opgeblazen tot
monumentale proporties; “Heb ik het juiste merk schoenen
gekocht? Gebruik ik het juiste merk tandpasta?” Wie heeft er nou
het vervormde perspectief?
En wat voor zin heeft het
dan? Ook al verwerp je het nihilisme, je relatie is er mee niet
gebroken, omdat de hele sociale en politieke structuur
waarbinnen ons dagelijks leven zich afspeelt geprogrammeerd is
voor zelfvernietiging, omdat zij gebaseerd zijn op onoprechte
ideeën verspreid door retorica en plastic gezichten voor
korte-termijn doelen. En wat kweken leugens behalve wraakzucht
en boosheid?
Dus geef de schuld maar aan
het geweld, geef de schuld maar aan het nihilisme, geef de
schuld maar aan het effect en niet aan de oorzaak; Het maakt
niet uit, de gevaarlijke ontknoping is niet zo ver weg meer en
geen levend mens kan het ontkomen. Leer waarom, op de volgende
pagina,
In Actie!
Slotargument
Het maakt je nederig als je
je bedenkt hoe zeer de schaal en de significantie van de
mensheid verschrompelt vergeleken met de omvang van onze kennis.
Een basaal begrip van de kosmologie leidt tot het ultieme
nihilisme. Veroorzaakt door een kosmisch ‘ongeluk’, heeft het
leven (blijkbaar) geen doel of waarde. Mensen die rondscharrelen
op een kleine planeet aan de rand van één van de ontelbaar veel
melkwegen in een ongeïnteresseerd, onherbergzaam heelal. Het
product van een reeks van verbazingwekkende
onwaarschijnlijkheden, bestemd om na een leven van doelloos
lijden alleen en bang dood te gaan.… (en als je dan gelooft dat
God dit alles gemaakt heeft, is het dan niet nog
vernederender?!)
Zonder een hogere morele
rechter, wordt niks na het leven bestraft of beloond. Het
fundamentele ethische dilemma is dat morele regels een ultieme
arbiter nodig hebben om validiteit te hebben, anders duiken goed
en slecht in het verwarrende en modderige meer van het
relativisme. Die ultieme rechter is altijd God geweest, de
hoogste rechter, waar de slechtsten der wereld krijgen wat zij
verdienen. De bijbel zegt dat de aarde het domein van de duivel
is: (Isaiah 13:11 & Revelation 12:9, ook al zegt het ook dat God
de aarde heeft geschapen in Genesis 1:1). Als dat is wat
iedereen verwacht, dan is dat ook alles dat het ooit zal zijn.
Als nihilist zeg ik dat het ons domein is en wij kunnen
het een hemel of een hel maken. Maar zolang wij zonder meer de
beslissing nemen om ons van alle verantwoordelijkheid vrij te
spreken, zal het zeker het domein van de duivel zijn.
Als we concluderen dat we
elk maar één leven krijgen, wordt het doel pijnlijk duidelijk,
zo onaangenaam als het kijken naar hoe een roofdier zijn prooi
verscheurt. Ik denk dat de mens de echte ‘god’ is. Maar de
lichamelijke verpakking is een sterke dichotomie. Zowel een worm
als een god, naast elkaar. We hebben geen hogere macht nodig
voor rechtvaardiging of succes, alleen het verlangen en de
wilskracht. Elk menselijk leven heeft het potentieel, maar
zolang je niet streeft om een god te zijn, zal je altijd een
worm blijven.
We
kunnen alles doen wat we maar willen, de vraag is alleen of
we dat ook zullen doen. Blijven we tevergeefs strijden
met de nutteloze stigmata uit de oudheid in de hand, elkaar
redeloos afslachtend wegens zelf-opgeworpen polariteiten,
terwijl corrupte dictators de vruchten plukken van ons
collectief bloedvergieten? Of kiezen we voor de uitweg? In de
donkere kamer van het leven staan niet al te veel uitgangen
aangegeven. Degene die ik gebruik heet het Nihilisme!
Comments?
|
Now
that you are sufficiently enthused or riled up depending on
your reaction to the provocation why not direct the
sentiment to: |
|
 |
|
And yes, I do respond to
e-mail so if you have a link, question, found an intriguing
opinion or debate on the topic pro or con send that too. |
| |
|
Important Note! To make sure your e-mail
letter is received please make sure the word 'nihilism'
is in the title/subject line. Also note that given the
volume of responses from readers I'm not able to respond
to every letter but I do write something for most.
Short and concise letters are much appreciated and they
get answered first! Also remember that errors
and failures in sending e-mail do occur so if you've
sent a letter and feel that you have not received
anything given a reasonable amount of time (a week or
so) then send the message again, it's possible it may
have been lost. |
...and now for a brief audio
response...
1. A History of
Civilization, Brinton, p. 300-301,
Prentice Hall 1960.
2. The World Within The World by John D.
Barrow, page 334 & 332, Oxford University
Press 1988.
3. The Meme Machine by Susan Blackmore,
page 189, Oxford University Press 1999.
4.
A History of Russia,
sixth edition, by Nicholas V. Riasanovsky, Oxford University
Press 2000, pg.
381.
|